Hoogsensitief kind en zelfkennis: de basis die het verschil maakt
Er is iets wat ik keer op keer zie in mijn praktijk maar ook thuis. Want ook mijn jongste zoon doet het met regelmaat. Hij past zich aan. Aan dat wat er gewenst is. Of wat hij denkt dat gewenst is. Kijkt naar dat wat anderen willen, voelt en tast af om goed in de gaten te hebben wat er nu verwacht wordt van hem. Zo hadden we met de zwemles uiteindelijk met zijn juffen afgesproken dat hij naar een andere groep ging. Niet omdat hij niet kon zwemmen of niet vooruit ging. Maar omdat zij zagen, hij kan zo veel meer. Hij kijkt en paste zich aan aan de kinderen die nog niet zo ver wagen. Hij stagneerde zijn eigen vooruitgang. Niet bewust, onbewust. Met het gevolg hij zit zichzelf in de weg. Ik zie het in mijn praktijk ook gebeuren. Alleen dan zijn de kinderen zo ver in aanpassen dat er klachten onstaan. Denk aan buikpijn, hoofdpijn, veel meer huilen. Niet omdat er thuis iets mis gaat. Niet omdat ouders het fout doen. Maar omdat de wereld buiten zo luid is, en de stem van binnenuit zo zacht. En met luid bedoel ik alle verwachtingen die er zijn. Want de juf vraagt iets anders dan , mama of oma of een vriendje en vriendinnetje. Maar hoe zit het dan met wat jouw zoon of dochter wil en nodig heeft. Dat stemmetje, dat innerlijke stemmetje wordt steeds moeilijker te horen.
Een kind dat zich steeds aanpast leert omgaan met ruzie in de klas, met vriendinnen die zich anders gedragen, met druk op school. Maar niemand heeft het ooit geleerd bij zichzelf te beginnen.
En dat is precies de kern van alles wat ik doe.
Van binnen naar buiten.
Wat bedoel ik daarmee?
De meeste hulp die kinderen krijgen, begint bij de buitenwereld. Hoe ga je om met pesten? Hoe maak je vrienden? Hoe gedraag je je in de klas? Dat zijn geen onbelangrijke vragen. Maar het zijn antwoorden op problemen die je pas echt kunt oplossen als je weet wie je zelf bent.
Want een kind dat weet wat het voelt, wat het belangrijk vindt, wat zijn of haar talenten zijn en waar de grenzen liggen, staat fundamenteel anders in de wereld dan een kind dat dat niet weet. Het wordt minder meegezogen door de mening van anderen. Het vindt sneller zijn weg terug naar zichzelf als het even kwijt is. Het kan de buitenwereld aan, juist omdat het van binnen gegrond is.
Zelfkennis is geen luxe. Het is de basis.
Dit geldt voor elk kind. Maar voor gevoelige, hoogsensitieve kinderen geldt het dubbel.
Hoogsensitiviteit en de wereld van buiten
Dr. Elaine Aron, de onderzoekspsycholoog die het begrip hoogsensitiviteit wetenschappelijk in kaart bracht, beschrijft HSP als een aangeboren eigenschap waarbij het zenuwstelsel indrukken dieper en grondiger verwerkt dan bij anderen. Niet langzamer, maar uitgebreider: meer verbindingen, meer lagen, meer nuance. Dat maakt hoogsensitieve mensen opmerkzaam, empathisch, intuïtief sterk. En het maakt ze ook kwetsbaarder voor overprikkeling, voor de energieën en verwachtingen van anderen.
Een hoogsensitief kind voelt de spanning in de klas al voordat de leraar iets heeft gezegd. Het neemt de stemming van thuisgekomen mee naar zijn slaapkamer. Het ligt wakker van iets wat een ander allang is vergeten.
Dat is geen zwakte. Maar het betekent wel dat de buitenwereld extra hard binnenkomt.
En juist daarom is het voor gevoelige kinderen zo cruciaal om een stevig innerlijk anker te hebben. Als je alles voelt, heb je des te meer nodig dat je weet wat van jou is en wat van een ander. Wat jouw gevoel is en wat je hebt opgepikt van de omgeving. Wat jouw waarden zijn, zodat je niet iedere keer opnieuw moet bepalen wie je bent.
Zonder die basis worden gevoelige kinderen meegezogen. Met die basis worden ze hun gevoeligheid de kracht die het altijd al was.
Hoe ik werk: altijd alle lagen
Mijn aanpak is holistisch. Dat betekent dat ik nooit naar één kant van een kind kijk. Ik kijk altijd naar vier lagen tegelijk.
Het lichaam: wat voelt een kind fysiek? Waar zit de spanning? Welke signalen geeft het lijf dat het hoofd nog niet heeft opgepikt? Kinderen, zeker gevoelige kinderen, weten vaak meer met hun lijf dan ze onder woorden kunnen brengen.
De emoties: wat beweegt er van binnen? Niet als label (“hij is boos”), maar als informatie. Wat wil dit gevoel zeggen? Wat heeft dit kind nodig?
De gedachten: welk verhaal vertelt een kind zichzelf? Welke overtuigingen sturen het gedrag? Wat gelooft een kind over zichzelf, over anderen, over de wereld?
De energie: de onbewuste, intuïtieve laag. Wat straalt een kind uit? Wat trekt het aan? Wat voelt het aan in een ruimte of bij een ander mens? Dit is de laag die in reguliere begeleiding vaak wordt overgeslagen, maar voor hoogsensitieve kinderen juist zo bepalend is.
Ik werk speels en ervaringsgericht. Niet omdat het leuker klinkt, maar omdat kinderen leren via doen, voelen en bewegen, niet via praten alleen. Via open ended materiaal, creatieve werkvormen en beweging komen lagen naar boven die in een gesprek verborgen zouden blijven. Dit is niet alleen voor kinderen, dit is ook bij volwassenen zo. Door ervaringsgericht te werken neem je ook je lijf mee. Niet alleen ons denkende brein. Je kan iets snappen, maar ook voelen en doorvoelen. Dan pas kun je verder, kun je geleerde stappen integreren.
En altijd, altijd kijk ik naar het systeem om het kind heen. Een kind staat nooit alleen. Het staat in een gezin, een klas, een buurt. Begeleiding die het kind los ziet van zijn omgeving, mist de helft van het verhaal.
Van binnenuit werken in de praktijk: GroeiKracht
Dit principe van van binnen naar buiten is de kern van alles wat ik doe in individuele begeleiding. En het is ook de rode draad van GroeiKracht, mijn groepsaanbod voor meiden van 8 tot 11 jaar.
Vijf middagen, telkens één vraag. Wie ben ik? Wat kan ik? Wat vind ik belangrijk? Waar heb ik invloed op? En ten slotte: hoe neem ik mezelf mee?
Niet beginnen bij vriendinnen, sociale druk of schoolgedrag. Beginnen bij de meid zelf. Bij wat ze van binnenuit voelt, weet, draagt.
Pas als ze dat weet, kan ze echt omgaan met de wereld buiten haar.
Waarom dit zo belangrijk is voor gevoelige meiden, juist nu
Meiden van 8 tot 11 jaar bevinden zich in een bijzondere overgang. Vriendschappen worden complexer. Sociale vergelijking begint. De buitenwereld trekt harder aan hen dan een jaar eerder.
Voor een hoogsensitief meisje is dit een kwetsbare fase. Niet omdat ze het niet aankan, maar omdat haar zenuwstelsel meer verwerkt, meer opneemt, meer voelt. Ze heeft meer interne structuur nodig om stevig te kunnen blijven staan.
Elaine Aron beschrijft hoe hoogsensitieve mensen door hun diepere verwerking bijzonder goed reageren op omgevingsinvloeden, zowel positief als negatief. Een ondersteunende, bewuste aanpak in deze fase kan voor gevoelige meiden het verschil maken. Niet als reparatie, maar als versterking van wie ze al zijn.
Zelfkennis op deze leeftijd is geen project voor later. Het is een fundament voor nu.
Wil je meer weten over GroeiKracht neem dan een kijkje. GROEIKRACHT
